Open Enterprise

Good 8 minute talk on the open enterprise.

You see this emerging to a more or lesser extent at an increasing number of organizations (which may be a threat to some of the staff).

Key points:

  • we live in democracies, but we work in (hierarchical) dictatorships
  • [our past stands in the way of our future – side note]
  • open source community have figured out a way to work freely, without managers
  • they figured out to have several thousand people working on billions of lines of code creating billions of dollars of amazing software that run 60% of the internet without a single person telling someone else what to do
  • they have figured out to be fully alive in something that they are passioned about and scale and actually produce value
  • so, why don’t we take the same principles of the open source software world and apply it to the conventional work place
  • it’s called the open enterprise
  • first principle: there is no fixed structure, there are no prescribed leaders, no job titles, everybody has the same job title
  • there is a holarchy, where people move up and down in a hierarchy depending on the situation
  • WL Gore (Goretex) 9000 employees, only one job title: associate (and you own part of the company)
  • there are leaders, and if there are, they have voted them into that position [and they have accepted the accountability and responsibility]
  • you can take that vote away immediately which makes you accountable to actually put some real leaders in place
  • the second principle of an open enterprise is transparency, everything: salaries, financial information. every meeting has an open door. if you show up in a meeting than you belong in that meeting
  • zappos, groupon are making employee culture the most important thing and they are kicking but doing it
  • third principle is that an open enterprise has is that they have a true meritocracy [governed by those who deserve to] of ideas. what that means is that every idea is judged on the idea itself, not who the idea came from.
  • the ideas get voted on and the good ones bubble up and get implemented.

Daniel Goleman over compassie

Met ”’Nederlandse ondertiteling”’.

Weet je, ik ben getroffen door hoe een van de impliciete thema’s van TED compassie is. Deze zeer ontroerende voordrachten die we net zagen: HIV in Afrika, President Clinton gisteravond.

Ik wil graag wat met u ‘aanverwant denken’, zo je wilt, over compassie en het van het globale niveau naar het persoonlijke brengen.

Ik ben een psycholoog, maar wees gerust, ik zal het netjes houden.

Enige tijd geleden is belangrijk onderzoek gedaan aan het Princeton Theologisch Seminarie over waarom het zo is dat wanneer we allemaal zoveel kansen hebben om te helpen we dat soms wel en soms niet doen.

Een groep theologiestudenten van de Princeton Theological Seminary werd gezegd dat ze een oefenpreek moesten geven en ieder kreeg een onderwerp voor de preek. De helft van die studenten kreeg als onderwerp de parabel van de Barmhartige Samaritaan: de man die stil hield om de vreemdeling in nood langs de kant van de weg te helpen. De andere helft kreeg willekeurige Bijbelthema’s Toen werden ze om beurten naar een ander gebouw gestuurd om hun preek te geven.

Onderweg naar het andere gebouw kwam iedere student langs een man die voorovergebogen stond te kreunen, duidelijk in nood verkerend. De vraag is: stopten ze om te helpen?

Nog interessanter is: Maakte het wat uit of ze liepen na te denken over het verhaal van de Barmhartige Samaritaan? Nee, helemaal niet.

Of ze stopten om een vreemdeling in nood te helpen werd bepaald door hoeveel haast ze dachten te hebben—dachten ze dat ze te laat waren, of waren ze opgeslokt
door waar ze over gingen vertellen.

En dat is, denk ik, de hachelijke situatie van ons leven: we grijpen niet iedere gelegenheid aan om te helpen, omdat onze focus verkeerd gericht is.

Er is een nieuw vak in de hersenwetenschappen: sociale neurowetenschap. Deze bestudeert de circuits van de breinen van twee mensen die activeert terwijl ze interacteren.

En het nieuwe denken in sociale neurowetenschap over compassie is dat we standaard bedraad zijn om te helpen. Dat wil zeggen: als we aandacht geven aan anderen leven we ons automatisch in, voelen we automatisch mee met ze.

Recent ontdekte spiegelneuronen activeren in ons brein precies die gebieden, die in het brein van de ander actief zijn. We voelen automatisch mee. Als die persoon in nood verkeert, als die persoon lijdt, dan zijn we automatisch bereid om te helpen. Althans, dat is de stelling.

Maar dan is de vraag: Waarom doen we het niet? Volgens mij gaat het om een spectrum dat loopt van volledige zelf-absorbtie naar inlevingsvermogen, naar meevoelen en naar mededogen.

Het is een simpel feit dat als we in onszelf gekeerd zijn, als we in beslag genomen worden door de dagelijkse zorgen, dan merken we de ander niet volkomen op. En dit verschil tussen aandacht voor onszelf en de ander is soms heel subtiel.

Laatst zat ik mijn belastingformulieren in te vullen en op het punt waar ik al mijn schenkingen opnoemde kreeg ik een openbaring. Toen ik bij mijn donatie aan de Seva-stichting kwam viel het me op dat ik dacht, tjonge, wat zou mijn vriend Larry Brilliant blij zijn dat ik geld gaf aan Seva.

En toen besefte ik dat ik van geven een narcistische kick kreeg — dat ik trots op mezelf was. Toen begon ik te denken aan de mensen in de Himalaya wier oogziekten konden worden genezen, en ik besefte dat ik van van deze narcistische zelfgerichtheid naar altruistisch plezier bewoog, naar mezelf goed voelen voor de mensen die werden geholpen. Volgens mij is dat een motivator.

Maar dit onderscheid tussen de aandacht richten op onszelf en de aandacht richten op anderen is iets waar we echt op moeten letten.

Op een bepaalde manier zie je het ook bij het daten: Ik zat laatst in een sushi-restaurant en daar hoorde ik twee vrouwen praten over de broer van één van hen die nog alleen was. En die vrouw zegt: “Mijn broer krijgt maar geen verkering, dus nu probeert hij speed dating.”

Weten jullie wat speed dating is? Vrouwen zitten aan tafels en mannen gaan van tafel naar tafel en er is een klok en een bel en na vijf minuten, bingo, einde gesprek en dan kan de vrouw beslissen of ze haar visitekaartje of email-adres aan die man geeft voor een vervolg.

En die vrouw zegt: “Mijn broer heeft nog nooit een kaartje gehad. En ik weet precies waarom. Vanaf het moment dat hij gaat zitten, begint non-stop hij over zichzelf te kletsen hij vraagt nooit naar over de vrouw.”

En ik deed wat onderzoek in de Sunday Styles-sectie van de New York Times, en bekeek de achtergrondverhalen over huwelijken— omdat ze zeer interessant zijn—en daar kwam ik bij het huwelijk van Alice Charney-Epstein. En zij zei dat toen zij aan het daten was ze de mensen aan een simpele test onderwierp. De test was: vanaf het moment dat ze samen zijn, hoe lang duurt het todat de man haar een vraag stelt met het woord ‘jij’ erin. En Epstein had het blijkbaar goed gedaan, vandaar het artikel.

Nou dit is—het is een testje dat je kunt uitproberen op een feest. Hier bij TED zijn een goeie gelegenheden.

In de Harvard Buisiness Review stond onlangs een artikel genaamd “Het Menselijke Moment,” over hoe je écht contact kunt maken met iemand op je werk. En ze zeiden, nou ja, het belangrijkste is dat je je BlackBerry uitzet, je laptop dichtdoet, stopt met dagdromen en iemand je volledige aandacht geeft.

Er is een nieuw woord in de Engelse taal voor het moment dat iemand opeens zijn BlackBerry open klapt of zijn gsm beantwoordt en wij niet meer lijken te bestaan. Het woord is ‘”’pizzled”’’: het is een combinatie van ‘puzzled’ en ‘pissed off’.

Het klopt wel goed, vind ik. Het is onze empathie, onze ontvankelijkheid dat ons onderscheidt van Machiavellisten of sociopaten.

Ik heb een zwager die expert is in horror en terreur— hij schreef de geannoteerde Dracula, de Essential Frankenstein— hij had een opleiding als Chaucer-scholier, maar was is geboren in Transylvanië waardoor hij een beetje anders is vermoed ik.

Dus mijn zwager, Leonard, besloot een boek te schrijven over een seriemoordenaar. Dit is een man die deze hele buurt terroriseerde, vele jaren geleden. Hij stond bekend als de wurger van Santa Cruz. En voordat hij was gearresteerd had hij zijn grootouders, zijn moeder en vijf medestudenten aan de universiteit van Santa Cruz vermoord.

Dus mijn zwager gaat die moordenaar interviewen en tijdens de ontmoeting beseft hij dat deze man echt heel eng is. Maar dat is niet het meest angstaanjagende van hem. Maar er bestaat geen enkel verband tussen IQ en inlevingsvermogen, invoelen van de andere persoon. Die worden bestuurd door verschillende delen van het brein.

Uiteindelijk vindt mijn zwager de moed om de vraag te stellen waarop hij echt het antwoord wil weten. En die is: “Hoe heeft u het kunnen doen? Voelde u geen medelijden met uw slachtoffers?”

Dit waren hele intieme moorden—hij wurgde zijn slachtoffers. En de wurger antwoordt zakelijk: “Oh nee, als ik hun angst had gevoeld had ik het niet gekund.
Dat deel van mij moest ik uitzetten. Dat deel van mij moest ik uitzetten.” En ik denk dat dit echt zorgwekkend is.

En op een bepaalde manier, ik heb eens nagedacht over dat deel van ons uitzetten. Wanneer we op onszelf gericht met iets bezig zijn dan zetten we dat deel van ons uit als er een ander persoon is.

Denk eens aan boodschappen doen en aan de mogelijkheden van consumeren met mededogen. Zoals Bill MDonough heeft uitgewezen hebben de dingen die we kopen en gebruiken verborgen gevolgen. We zijn allemaal onwetende slachtoffers van een collectieve blinde vlek.

We hebben het niet door en we hebben niet door dat we niet doorhebben welke giftige moleculen door het vloerkleed of de stoelbekleding uitgegeven worden. En we weten niet of die stof een technologische of productievoedingsstof is; het kan opnieuw gebruikt worden of het belandt gewoon op de vuilnisbelt. Met andere woorden: we zijn ons onbewust van de gevolgen voor de ecologie en de volksgezondheid en de sociale en economische rechtvaardigheid van de dingen die we kopen en gebruiken.

Op een bepaalde manier is de kamer zelf is de olifant in de kamer maar zijn wij het niet. En we worden slachtoffers van een systeem dat ons in een andere richting wijst. Denk eens na over het volgende.

Er is een prachtig boek met de titel “Spullen—Het Verborgen Leven van Alledaagse Dingen”. En het verhaalt over de achtergrond van zoiets als een T-shirt. En het vertelt waar de katoen werd verbouwd en de kunstmest die werd gebruikt en de gevolgen daarvan voor de grond. En het vertelt, bijvoorbeeld, dat katoen zich moeilijk laat kleuren met textielverf.

En het is algemeen bekend onder epidemiologen dat kinderen die in de buurt van textielfabrieken wonen een grotere kans op leukemie hebben. Het bedrijf Bennett and Company levert aan Polo.com en aan Victoria’s Secret—ze, omdat daar een directeur zit die zich hiervan bewust is, hebben in China een joint venture met hun verfindustrie gevormd om er zeker van te zijn dat hun afvalwater deugt voordat het weer terugkeert bij het grondwater.

Op dit moment kunnen wij niet kiezen voor het eerlijke T-shirt in plaats van het niet-eerlijke. Wat is er nodig om dat wel te kunnen? Daar heb ik over nagedacht. Om te beginnen is er een nieuwe elektronische labeltechnologie waarmee elke winkel de volledige geschiedenis van ieder product op de schappen in die winkel kan achterhalen. Je kan het terugvolgen tot aan de fabriek. Zodra je het kunt terugvolgen naar de fabriek kan je dus ook kijken naar de fabricageprocessen die gebruikt zijn om het product te maken en als die eerlijk zijn kun je dat op het label zetten. Of als het niet zo eerlijk is kun je vandaag de dag in elke winkel een barcode scannen die je naar een website doorstuurt.

Dat is er al voor mensen met pinda-allergie. Die website kan je dan meer vertellen over dat voorwerp. In andere woorden: bij de aankoop kunnen we een keuze maken vanuit medeleven. In communicatiewetenschappen wordt wel eens gezegd: uiteindelijk zal iedereen alles weten. En de vraag is: Zal het wat uitmaken?

Enige tijd geleden toen ik voor de New York Times werkte, over wat destijds een nieuw probleem was in New York: dak- en thuislozen op straat. En ik liep een paar weken mee met medewerkers van de sociale dienst, die zich met de daklozen bezig hielden. En ik ontdekte dat de thuislozen door hun ogen gezien eigenlijk allemaal psychiatrische patiënten waren die nergens anders naartoe konden. De meesten hadden een diagnose.

Het maakte me—het schudde me wakker uit de trance van de stad waar, wanneer we een dakloze passeren en vanuit onze ooghoeken zien, aan de rand van ons zicht, aan de rand blijft.

We zien het niet en daarom handelen we niet.

Niet lang daarna—het was een vrijdag—aan het eind van de dag, liep ik naar beneden de metro in. Het was spitsuur en duizenden mensen stroomden de trappen af. En opeens, terwijl ik de trappen afliep, merkte ik dat er een man langs de kant lag, zonder hemd, bewegingsloos, en de mensen stapten gewoon over hem heen— honderden en honderden mensen. En omdat mijn stadstrance een beetje was afgezwakt, stopte ik om uit te zoeken wat er mis was.

Zodra ik stopte kwamen er meteen nog een half dozijn mensen om dezelfde man staan. En we ontdekten dat hij Spaans sprak, hij sprak geen Engels, hij had geen geld, had dagen over straat gezworven, uitgehongerd, en hij is flauw gevallen van honger. Meteen ging er iemand sinaasappelsap halen, iemand bracht een hotdog, iemand haalde er een metro-beveiliger erbij. Die man stond zo weer op zijn benen.

En alles wat er nodig was, was de simpele daad van opmerken. Daarom ben ik optimistisch.

Dank u wel

Howard Rheingold over samenwerken

:””’Nederlandse ondertiteling bij TED in behandeling—nog even geduld a.u.b.””’

Ik ben hier om uw hulp in te roepen om het verhaal over hoe de mens en andere schepsels dingen voor elkaar krijgen te hervormen.

Hier is het oude verhaal. We hebben al een beetje over gehoord. ”’Biologie is oorlog”’ waarin alleen de sterksten overleven. Bedrijven en naties slagen alléén door het verslaan, vernietigen en domineren van de concurrentie.

”’Politiek gaat over het winnen van jouw kant ten koste van alles”’. Maar ik denk dat we het prille begin van een nieuw verhaal kunnen zien ontstaan. Het is een vertelling verspreid over een aantal verschillende disciplines waarin samenwerking, collectieve actie en complexe afhankelijkheden een belangrijkere rol spelen.

En de centrale, maar niet allerbelangrijkste rol van concurrentie en het overleven van de sterkste krimpt een beetje om ruimte te maken.

Ik begon na te denken over de relatie tussen communicatie, media en collectieve actie toen ik Smart Mobs schreef en ontdekte dat ik erover na bleef denken nadat klaar was met het boek.

Als je terugkijkt hebben menselijke communicatiemedia en de manieren waarop we ons sociaal organiseren al lange tijd gecoëvolueerd. Mensen hebben zeer veel langer geleefd dan de ongeveer 10.000 jaren van gevestigde agrarische beschaving.

In kleine familiegroepen vangen nomadische jagers konijnen en verzamelen ze voedsel. De vorm van rijkdom in die dagen was voldoende voedsel om in leven te blijven. Maar op een gegeven moment kwamen ze samen om in een groter verband te jagen. En we weten niet precies hoe ze dit deden.

Toch hebben ze enkele collectieve actieproblemen moeten oplossen. Het heeft geen zin om op mastodonten te jagen terwijl je met andere groepen vecht.

Nogmaals, we hebben geen idee maar het is duidelijk dat een nieuwe vorm van rijkdom moest ontstaan. Meer eiwit dan een jagersfamilie kan eten voordat het verrot.

Dat riep de sociale vraag op waarvan ik geloof dat het nieuwe sociale vormen heeft opgeleverd. Hebben de mensen die dat mastodontenvlees aten iets te danken aan de jagers en hun families? En zo ja, hoe regelden ze dat dan?

Nogmaals, we kunnen het niet weten, maar we zijn er behoorlijk zeker van dat hierin een bepaalde vorm van symbolische communicatie betrokken moest zijn. Natuurlijk leidde de landbouw tot de eerste grote beschavingen de eerste steden van modder en steen, de eerste rijken.

En het waren de beheerders van deze rijken die mensen begonnen in te huren om het graan en de schapen en de wijn die verschuldigd was bij te houden En de belastingen die daarvoor verschuldigd waren door markeringen te zetten, destijds markeringen op klei.

Niet lang daarna werd het ”’alfabet”’ uitgevonden. En dit krachtige gereedschap was voor duizenden jaren gereserveerd voor de elite van beheerders die de rekeningen voor de rijken bijhielden. En toen maakte en andere communicatietechnologie nieuwe media mogelijk.

De ”’drukpers”’ was een feit en in decennia werden miljoenen mensen geletterd. En vanuit geletterde bevolking onstonden nieuwe vormen van gezamelijke actie in de gebieden van kennis, religie en politiek. We zagen wetenschappelijke revoluties, de protestantse reformatie, constintutionele democratieën die daarvoor niet mogelijk waren.

Niet gecreëerd door de drukpers maar mogelijk gemaakt door de collectieve actie die ontstaat uit alfabetisme. En wederom onstonden nieuwe vormen van rijkdom. Nu is handel oud. ”’Markten zijn zo oud als kruispunten”’.

”’Maar kapitalisme zoals we het kennen is maar een paar honderd jaar oud”’, mogelijk gemaakt door coöperatieve regelingen en technologieën, zoals bedrijven met gemeenschappelijke aandeelhouders, gedeelde aansprakelijkheidsverzekering en dubbel boekhouden.

Nu zijn deze technologieën natuurlijk gebaseerd op het Internet. En in het veel-op-veeltijdperk is elke PC een drukpers, een zendstation, een gemeenschap of een marktplaats. ”’Evolutie neemt in snelheid toe”’.

Sinds kort maakt deze kracht zich los van de PCs en springt van de desktops. En zeer zeer snel zullen we een belangrijk deel, zo niet de meerderheid van het menselijk ras rond zien lopen met supercomputers verbonden met snelheden groter dan wat wij vandaag beschouwen als breedband.

Toen ik op op onderzoek ging naar gezamelijke actie spreekt de voornaamste literatuur over wat sociologen “”’sociale dilemma’s”’” noemen. Er zijn een aantal mythische verhalen van sociale dilemma’s.

Ik zal er twee bespreken: het ”’dilemma van de gevangene”’ en de ”’tragedie van de meent”’. Toen ik er met Kevin Kelly over sprak verzekerde hij mij dat iedereen in dit publiek de details wel kent van het dilemma van de gevangene. Dus zal ik dat zeer zeer kort bespreken. Als je daar meer vragen over hebt, vraag Kevin Kelly. (gelach)

Het dilemma van de gevangene is eigenlijk een verhaal dat bovenop een wiskundige matrix uit de speltheorie ligt uit de vroege jaren van het denken over kernoorlog: twee spelers die elkaar niet kunnen vertrouwen. Laat me zeggen dat ”’elke ongedekte transactie een goed voorbeeld van het dilemma van de gevangene is”’. Persoon met de goederen, persoon met het geld, omdat ze elkaar niet kunnen vertrouwen wisselen ze niets uit. Geen van beiden wil de eerste zijn of ze krijgen het lid op de neus. Maar beiden verliezen ze, want ze krijgen niet wat ze willen. Als ze het maar eens kunnen worden, als ze het dillemma van de gevangene kunnen omzetten in een andere beloningsmatrix, een verzekeringsspel genoemd, dan konden ze door.

20 jaar geleden gebruikte Robert Axelrod het dilemma van de gevangene als de toets voor de biologische vraag: Als wij hier zijn omdat onze voorouders zulke felle concurrenten waren, hoe bestaat samenwerking dan ooit? Hij begon een computertoernooi voor mensen om strategieën voor het dillema van de gevangene in te dienen en ontdekte, tot zijn grote verbazing, dat een zeer zeer eenvoudige strategie won. Het won het eerste toernooi en, zelfs nadat iederen wist dat het won, won het het tweede toernooi. Dit staat bekend als ”’oog-om-oog”’.

Een ander economisch spel dat mogelijk minder bekend is dan het dillemma van de gevangene is het ”’ultimatumspel”’. Dat is ook een zeer interessante toets van onze aannames over de manier waarop mensen economische transacties doen. Zo wordt het spel gespeeld.

Er zijn twee spelers. Ze hebben het spel hiervoor nog nooit gespeeld. Ze zullen het spel niet nog een keer spelen. Ze kennen elkaar niet. En ze zijn, in feite, in gescheiden ruimtes. De eerste speler krijgt honderd dollar aangeboden en wordt gevraagd een verdeling voor te stellen: 50/50, 90/10. Wat die speler ook wil voorstellen.

Of de tweede speler accepteerd de verdeling, en beide spelers worden uitbetaald en het spel is voorbij, of verwerpt de verdeling en geen van de twee spelers wordt uitbetaald en het spel is voorbij. Nu vertelt de fundamentele basis van neoklassieke economie dat het irrationeel is om een dollar te verwerpen omdat iemand in een andere ruimte die je niet kent 99 dollar krijgt.

Echter in duizenden experimenten met Amerikaanse, Europese en Japanse studenten wijst een belangrijk percentage elk bod af dat niet dicht bij 50/50 ligt. En ondanks dat ze waren doorgelicht en het spel niet kenden en daarvoor nooit gespeeld hadden leken ze dit van nature te weten. omdat het gemiddelde voorstel verrassend dicht bij 50/50 lag.

Het interessantse stuk toont zich recentelijker toen antropologen dit spel meenamen naar andere culturen en ontdekten, tot hun verrassing, dat de kap-en-brand landbouwers in de Amazone, of nomadische grasboeren in Centraal-Azië, of een dozijn andere culturen — elk radikale verschillende ideeën over billijkheid hadden. Dit suggereert dat, in plaats van een natuurlijk gevoel voor billijkheid, ergens de basis van ons economische transacties beïnvloed wordt door onze sociale instellingen— of we dat nou weten of niet.

Het andere voorname verhaal van sociale dilemma’s is de ”’tragedie van de meent”’. Garret Hardin gebruikte dit om over overbevolking te praten in de late zestiger jaren. Hij gebruikte het voorbeeld van een gemeenschappelijk grasland waar elke persoon, eenvoudigweg om hun eigen veestapel te maximaliseren, leidde tot overbegrazing en de uitputting van de bron.

Hij trok de nogal mistroostige conclusie dat mensen onvermijdelijk elke gemeenschappelijke bronnen zullen plunderen wanneer mensen in het gebruik ervan niet beperkt kunnen worden.

Eleanor Ostrom, een politieke wetenschapper stelde in 1990 de interessante vraag die elke goede wetenschapper dient te vragen: is het echt waar dat de mens altijd haar meent zal plunderen? Ze ging op onderzoek naar welke gegevens ze kon vinden. Ze bekeek duizenden gevallen waarin mensen deelden in stroomgebieden, bosbouw en visserijen en ontdekte dat, ja, geval voor geval vernietigde de mens de meent waarvan ze afhankelijk waren. Maar ze vond ook veel gevallen waarin mensen het dilemma van de gevangene wisten te ontvluchten. ”’De tragedie van de meent is in feite het dilemma van de gevangene met meerdere spelers”’. Ze zei dat mensen alleen gevangenen zijn als ze zichzelf zo beschouwen.

”’Ze ontsnapten door instellingen voor collectieve actie te creëren”’. En ze ontdekte, volgens mij heel interessant, dat er bij die instellingen die werkten een aantal gemeenschappelijke ontwerpprincipes hadden en die principes leken te ontbreken bij de instellingen die niet werkten.

Ik ga snel over een aantaal disciplines. In biologie worden de begrippen van symbiose, groepselectie en evolutionaire psychologie omstreden, dat is zeker. Maar er is zeker geen belangrijk debat meer over het feit dat coöperatieve regelingen zich van een perifere rol naar een centrale rol hebben verplaatst in biologie. Van het niveau van de cel naar het niveau van de ecologie.

Nogmaals, ons begrippen van individuen als economische wezens hebben zich omgedraaid. Rationele zelfinteresse is niet altijd de dominante factor. In feite zullen mensen handelen om bedriegers te bestraffen, zelfs als dat henzelf wat kost.

Onlangs toonden neurofysiologische maatregelen dat mensen die bedriegers in economische spelen bestraffen activiteiten vertonen in de beloningcentra van het brein. Dit liet een wetenschapper verklaren dat ”’altruïstische bestraffing wel eens de lijm kan zijn die samenlevingen samenhoudt”’.

Nu, ik heb het gehad over hoe nieuwe vormen van communicatie en nieuwe media in het verleden hielpen om nieuwe economische vormen te creëren. Handel is oud. Markten zijn zeer oud. Kapitalisme is redelijk recent. Socialisme onstond als een reactie hierop. En toch wordt er heel weinig gesproken over hoe de volgende vorm kan ontstaan.

Jim Surowiecki vermelde kort Yochai Benkler’s rapport over ”’open source”’, verwijzend naar een nieuwe productievorm: ”’peer-to-peer productie”’.

Ik wil dat je onthoudt dat, als in het verleden, nieuwe vormen van samenwerking, mogelijk gemaakt door nieuwe technologieën, nieuwe vormen van rijkdom creëerden, we wel eens naar weer een andere economische vorm kunnen bewegen. die belangrijk verschilt van de vorige.

Laten we eens kort naar wat bedrijven kijken. IBM, weet je, HP, Sun— sommigen als meest felle concurrenten in de IT-wereld maken hun software open source en maken hun portfolio aan patenten beschikbaar voor de meent.

Eli Lilly—in wederom een fel concurrerende farmaceutische wereld— heeft een markt gecreëerd voor oplossingen voor farmaceutische problemen.

Toyota, in plaats van haar leveranciers als marktplaats te behandelen, behandelt ze als een netwerk en traint ze om beter te produceren, zelfs ondanks dat ze hiermee ook betere voor haar concurrenten produceren.

Nu doet geen van deze bedrijven dit uit altruïsme. Ze doen dit omdat ze leren dat een bepaalde manier van delen in hun zelfinteresse is.

Open source-productie heeft ons laten zien dat wereldklasse software, zoals Linux en Mozilla, gemaakt kan worden zonder de bureaucratische structuur van de firma en zonder de prikkels van de marktplaats zoals we die kennen.

Google verrijkt zichzelf door duizenden bloggers te verrijken door AdSense.

Amazon heeft haar applikatie programmeerinterface opengesteld voor 60,000 ontwikkelaars, ontelbare Amazon winkels.

Ze verrijken anderen, niet vanwege altruïsme, maar als een manier om zichzelf te verrijken.

Ebay heeft het dilemma van de gevangene opgelost en een markt gecreëerd die niet zou hebben bestaan door het creëeren van een terugkoppelmechanisme dat het dilemma van de gevangene omzet in een verzekeringsspel.

In plaats van “geen van ons kan de ander vertrouwen dus dienen we suboptimale keuzes te maken” is het “”’jij bewijst mij dat je betrouwbaar bent en ik werk mee”’.”

Wikipedia heeft duizenden vrijwilligers om een gratis encyclopedie te maken met anderhalf miljoen artikelen in 200 talen in slechts enkele jaren.

We hebben gezien dat ThinkCycle het NGO’s in ontwikkelingslanden mogelijk heeft gemaakt om problemen op te laten lossen door design studenten over de hele wereld, inclusief iets dat nu voor noodhulp voor tsunami wordt gebruikt.

Het is een mechanisme voor rehydratatie van choleraslachtoffers dat zo eenvoudig is om te gebruiken dat analfabeten getraind kunnen worden om het te gebruiken.

BitTorrent verandert elke ‘aflader’ in een ‘oplader’ waarmee het systeem efficiënter wordt naarmate het meer wordt gebruikt.

Miljoenen mensen hebben hun desktop computers beschikbaar maken wanneer ze ze niet gebruiken en ze via het internet samen te binden tot een supercomputer collectief die het probleem van eiwitvouwen voor medisch onderzoekers oplost. Dat heet Folding at Home bij Stanford.

Om codes te kraken.

Om leven te zoeken in de ruimte.

Ik denk dat we nog niet genoeg weten. Ik denk dat we nog maar net begonnen zijn met te ontdekken van de grondbeginselen zijn. Maar ik denk dat we daarmee kunnen beginnen. En ik heb niet genoeg tijd om ze allemaal te bespreken. Maar denk eens na over zelfinteresse. Dit gaat allemaal over zelfinteresse en leidt tot meer.

In El Salvador namen beide zijden die zich terugrokken uit de burgeroorlog beslissingen die zich bewezen als een spiegeling van het dilemma van de gevangene.

In de US, in de Filipijnen, in Kenia, over de hele wereld hebben burgers politieke protesten en haal-de-stemmen-op-campagnes met mobiele apparaten en SMS zelfgeorganiseerd.

Is een Apolloproject van samenwerking mogelijk?

Een transdisciplinair onderzoek van samenwerking?

Ik geloof dat de beloning heel groot zal zijn. Ik denk dat we moeten beginnen om dit terrein in kaart te brengen zodat we over de disciplines heen hierover kunnen praten. En ik zeg niet dat het begrijpen van samenwerking ervoor gaat zorgen dat we betere mensen worden. En soms werken mensen samen om slechte dingen te doen. Maar ik help je eraan herinneren dat een paar honderd jaar geleden mensen hun geliefden zagen sterven van ziekten waarvan ze dachten dat ze veroorzaakt waren door zonde of vreemdelingen of boze geesten.

Decartes zei dat we een volledige nieuwe manier van denken nodig hebben. Toen de wetenschappelijke methode voorzag in een nieuwe manier van denken en biologie aantoonde dat micro-organismen ziekte veroorzaakten werd het leed vezacht. Welke vormen van leed kunnen verzacht worden, welke vormen van rijkdom kunnen gecreëerd worden als we een beetje meer van samenwerken zouden weten?

Ik denk dat deze transdisciplinaire verhandeling niet automatisch gaat gebeuren. Het gaat inspanning vereisen.

Daarom roep ik jou op om mij te helpen dit samenwerkingsproject te starten.

Dankjewel.

(Applaus)

Practical wisdom

An idea worth spreading: Barry Schwartz’ passionate plea for practical wisdom, a standing ovation talk fresh from TED2009.

Source: http://www.ted.com/talks/barry_schwartz_on_our_loss_of_wisdom.html

In his inaugrual address, Barack Obama appealed to each of us to give our best, as we try to extragate ourselves form the current financial crisis. But what did he appeal to? He did not, happily, follow in the footsteps of his predecssor and tell us to just go shopping. Nor did he tell us , “Trust us, trust your country. Invest. Invest. Invest.”

Instead, what he told us, was, to put aside the childish things. And he appealed to virtue. Virtue is an old-fashioned word. It seems a little out of place, in a cutting edge environment like this one. And besides, some of you might be wondering, what the hell does it mean?

“Practical wisdom” verder lezen

TED 2009—De Grote Onthulling


TED bestaat 25 jaar. En voor $3.750 kan je heerlijk in PalmSprings aanschuiven om samen met 400 andere TEDsters en een keur aan sprekers en artiesten vooruit te kijken. Vol is vol…

En vol zal het waarschijnlijk zijn. Bovendien komt daar ook nog de vliegtrip en hotel bij. Maar niet getreurd, ”’TED NL”’, initiatief van Jasper van Impelen, organiseert samen met Seats2Meet en Mindz ”’TED Café”’.

Van 4 t/m 7 februari kan je de simulcast van ”’TED 2009 live meemaken in Utrecht”’ bij Seats2Meet. En nog gratis ook. Wel voor late vogels, want het begint ’s avonds en loopt door tot 04:00 uur in de morgen vanwege het tijdsverschil…

Lees meer, [http://www.mindz.com/events/TED_Cafe schrijf je in voor het TED Café] en [http://conferences.ted.com/TED2009/ dompel je onder in TED 2009]

Monsterlijke mensen

Psycholoog Philip Zimbardo weet hoe makkelijk het is voor mensen om kunnen slaan naar slecht. Hij deelt zijn inzichten—en gruwelijke indrukwekkende ongeziene foto’s—van het Abu Ghraib onderzoek.

Maar er is hoop. Zimbardo bestudeert ook de andere kant van de medaille—het is net zo makkelijk om een ”’held”’ te worden, en hoe we elkaar daarin kunnen versterken.

Paradox van keuze

Psycholoog Barry Schwartz mikt op het centrale thema van de westerse wereld: ”’keuzevrijheid”’. In Schwartz’ schatting maakt keuze ons niet vrijer maar verlamd ons. Niet gelukkiger maar ontevredener. Als je kunt kiezen uit 6.500.000 audio-video-configuraties (of zorgverzekeringen, of mobiele telefoons), kies en koop je dan we de juiste? Of is die andere toch beter? Grrrr… (En dat terwijl zorgverzekeringen ons toch een zorg weg dienen te nemen?!).

Psychologie van het Volle Leven

Martin Seligman heeft een veldpraktijk over positieve psychologie en haar effect op ”’Het Plezierige Leven”’, ”’Het Goede Leven”’ en ”’Het Betekenisvolle Leven”’. Hoe kan Positieve Spychologie helpen met het streven naar geluk, naar een “goede ziel“. Jouw genialiteit en talenten ten dienste stellen aan iets dat groter is dan dat jij bent.

”’Samenlevenkunst pur sang.”’




De 11e reden om optimistisch te zijn.

Vroeger was psychologie op zoek naar wat er mis is met je. Zoek de gek. Vroeger was geen enkele stoornis behandelbaar. Tegenwoordig zijn 14 van alle stoornissen behandelbaar, 2 zelfs geneesbaar. Er onstond een wetenschap van de mentale ziekte. Een classificatie en ordening van mentale ziektes, de oorzaken en ontwikkeling van zaken zoals schizofrenie en depressie. Inclusief de effecten van de genen op deze verschijnselen. “Psychologie van het Volle Leven” verder lezen

Reis naar het centrum van je brein

Vilayanur Ramachandran neemt je mee op reis en laat je zien wat een hersenbeschadiging kan onthullen over de verbinding tussen het celebrale weefsel en je brein, gebruik makend van drie schokkende waanideeën als voorbeeld.



Bron: [http://www.ted.com/index.php/talks/vilayanur_ramachandran_on_your_mind.html Vilayanur Ramachandran over jouw brein].

Waar verbergt creativiteit zich?

Waar komt creativiteit vandaan?

Dubbelzinnigheid, onzekerheid, kwantumfysica, het observatoreffect, snaartheorie, intenties, hints en hulp uit het universum, focus, serendipiteit, waarom ben ik hier?, morele dubbelzinnigheid, de aankomst van geluk, kansen, willekeur, balans, ongeluk, rechtvaardigheid, (bij)geloof, absolute waarheid, onzekerheid, verbeelding, inleving, invoeling, compassie, humor en een verrassend einde aan het verhaal van Amy Tan. 20 minuten kijk- en luisterplezier.

Op slag inzicht

Op een morgen barstte er een bloedvat in het brein van Jill Bolte Taylor. Als neuroanatomist besefte ze dat ze op de voorste rij zat van haar eigen hersenbloeding:
:”Hoeveel hersenwetenschappers zijn in staat geweest om hun eigen brein van binnenuit te bestuderen? Ik heb net zoveel uit het verlies van mijn linker hersenhelft geleerd als in mijn totale academische carrière.”
Ze keek toe terwijl haar hersenfuncties zich een voor een afschakelden:motoriek, spraak, geheugen, zelfbewustzijn… Ze bestudeerde en herinnerde elk moment.

Verbaasd over het feit dat ze nog leeft en verwonderd over hoe haar revalidatie een stroom van creatieve energie in haar heeft losgemaakt. ”’Een krachtig, roerend en indrukwekkend verhaal”’ over revalidatie en onder- en bovenbewustzijn dat je raakt. Een ervaring van ”’absolute eenheid die je diep raakt”’—hoe onze hersenen ons definieren en ons met onze Aarde en het universum en met elkaar verbind. De moeite waard dus om 19 minuten naar te kijken.


Vermoorden scholen creativiteit?

Aardbron is passievol geïnspireerd door Ken Robinson’s visie en standpunten.

Heb je 20 minuten en zin om serieus te lachen? Bekijk dan de video van Sir Ken Robinson vol met humor.

Hieronder vind je de vrije vertaling van de [http://blog.ted.com/2006/06/sir_ken_robinso.php transcript] naar het gloedvolle betoog van [http://www.ted.com/index.php/talks/view/id/66 Sir Ken Robinson over Do Schools Kill Creativity?].


Ongebreidelde creativiteit bruist overal waar je kijkt de pan uit. Zoals op conferenties als TED, PINC en de Picnic Green Challenge. En in de markt. Op Internet. Nieuwe organisatievormen, nieuwe zakelijke vormen, crowdsourcing, open innovatie, open source, microkredieten. Dit is echter het begin.

We zitten op een plek waar we geen enkel idee hebben van wat ons te wachten staat in de toekomst of hoe het spel gespeeld gaat worden.

Aardbron heeft een gepassioneerde interesse in educatie. Eigenlijk heeft iedereen interesse in educatie. Wie eigenlijk niet? Vraag iemand wat over zijn of haar opleiding, en ze nagelen je tegen de muur met anekdotes en meningen over school en haar systeem. Zaken zoals opleiding hebben diepgaand effect op mensen. Net zoals geld en religie.

Educatie is ook een fantastisch woord. In het Latijn betekent ”’educere”’ ‘uit-leiden’, van e- (variant van ex-) ‘uit’ + ducere ‘leiden’. Met andere woorden, datgene naar boven halen wat al aanwezig is in een latente of onderontwikkelde vorm. Dit in contrast met de term induceren (inductie), hetgeen betekent: de overhand krijgen, door invloed en overtuiging in beweging zetten, aandrijven, voortstuwen, aansporen, aanzetten tot, ophitsen, opdringen, bijna altijd door uitwendige prikkels.

We hebben eigenlijk allemaal grote interesse in educatie. We hebben een zeer grote gevestigde interesse in educatie. Gedeeltelijk vanwege het feit dat educatie bedoelt ons mee te nemen naar de toekomst die we nog niet bevatten.

Sta er maar eens even bij stil. Kinderen die dit jaar met school beginnen gaan in 2068 met pensioen. Ondanks alle beschikbare expertise in de wereld heeft niemand enig idee hoe de wereld er over vijf jaar uit zal zien, laat staan over 60 jaar. Tegelijkertijd worden we verondersteld ze daarvoor op te leiden! De onvoorspelbaarheid is uitzonderlijk.

En we zijn er ondertussen allemaal wel overtuigd van de buitengewone vermogens die kinderen hebben, hun vermogen tot innovatie, creativiteit en authenticiteit. Het is vaak uitzonderlijk in wat sommige kinderen klaarspeelt. En álle kinderen hebben deze gave in meer of mindere mate. Een wonderkind is een voorbeeld van de uitzonderlijke toewijding van iemand die een talent gevonden heeft.

Alle kinderen hebben ontzagwekkende talenten die wij vervolgens behoorlijk meedogenloos verspillen.

Dus wat hebben educatie en creativiteit met elkaar te maken? Creativiteit is op dit moment minstens zo belangrijk als kunnen lezen en schrijven. En wij dienen die creativiteit met de zelfde status te behandelen.

Leuk verhaaltje tussendoor. Een meisje van zes jaar lette tijdens de lessen niet of nauwelijks op, behalve bij tekenles. De tekenleraar, hierdoor gefascineerd, liep naar haar toe en vroeg haar: “Wat ben je aan het tekenen?”. “Ik teken een plaatje van God.” zei het meisje. “Maar niemand weet hoe God eruit ziet!” zei de leraar. “Over een paar minuten wel.” zei het meisje.

Kinderen pakken dus gewoon de kans beet zodra hij voorbijkomt. Als ze het niet weten, ondernemen ze gewoon een poging. Spontaan en authentiek. Ze zijn (nog) niet bang om fouten te maken.

Nu is fouten maken niet hetzelfde als creativiteit. Maar wat we wel weten is dat als je niet in staat of bereid bent om fouten te maken, dan kom je nooit met iets origineels. Tegen de tijd dat kinderen volwassen zijn geworden hebben de meesten het vermogen om spontaan fouten te maken verloren. Ze zijn bang geworden om fout te zijn.

En zo leiden we onze ondernemingen ook. We brandmerken het maken van vergissingen tot een schande. Schande!

Met andere woorden: wij educeren de creativiteit de mensen uit.

Picasso zei ooit: ”’alle kinderen worden als artiesten geboren”’. De uitdaging is om artiest of kunstenaar te blijven terwijl we opgroeien. En wij groeien de creativiteit niet in, ”’wij groeien de creativiteit uit”’. We worden uit de creativiteit opgeleid. Afleiding kan je het dan beter noemen. Of “ontleiding”. Wat is de reden hierachter?

Is het niet verbazingwekkend? Alle educatieve systemen over de hele wereld hebben dezelfde hiërarchie van onderwerpen. Het maakt niet uit waar je kijkt, het is overal hetzelfde. Je zou anders verwachten, maar het is niet zo.

Aan de top heb je exacte vakken (beta) zoals wiskunde en talen en de letteren (alfa). Dan de geesteswetenschappen (gamma). En helemaal onderop de kunsten. Overal op Aarde.

En ook binnen kunst is er een hiërarchie. Kunst en muziek hebben vaak een hogere status dan drama en dans. Er is geen educatief systeem, op de planeet die dagelijks dansles geeft aan kinderen op de manier waarop we ze wiskunde leren. Waarom? Waarom niet? Wiskunde is heel belangrijk, en dans ook. Kinderen dansen de hele tijd als je ze de kans geeft. Dat doen we allemaal. We hebben toch allemaal een lichaam? Of heb ik een vergadering gemist? Een lichaam wil dansen. Alleen het hoort niet.

Terwijl kinderen opgroeien leren wij ze vanaf hun middel omhoog. En vervolgens richten we al onze aandacht op hun hoofden. En dan ook nog met een lichte voorkeur voor één kant, de linkerkant.

Als je als buitenaards wezen onze publieke educatie bevraagt en uitlegt waar het toe dient, dan kan je, afgaand op de uitkomsten en resultaten van die educatie, alleen maar concluderen dat het enige doel is om universiteitsprofessoren te produceren. Wie krijgt de meeste punten? Wie zijn de winnaars? Wie doet alles wat er gedaan dient te worden? Dat zijn de mensen aan de top. De professoren.

Professoren zijn gewoon een levensvorm, een andere levensvorm. Maar ze zijn nogal vreemd. Met alle respect, er is iets vreemd aan ze. Ze leven voornamelijk in hun hoofden. Ze leven in hun bovenkamer, en dan nog licht naar een kant toe ook. Ze zijn ontlichaamd. Ze zien hun lichaam als een transportmiddel voor hun hoofden. Het lichaam is een manier om hun hoofden naar vergaderingen te brengen.

Ons educatiesysteem is gebaseerd op het idee van de academische bekwaamheid. En daar is een reden voor. Vóór de 19e eeuw waren er geen publieke systemen voor educatie. Het hele wereldwijde systeem van publieke educatie is ontstaan tijdens de industriële revolutie en is daar ook op toegesneden. Toegesneden op de behoeften van diezelfde materialistische industrialisatie.

Dus is de hiërarchie geworteld in twee ideeën. Ten eerste zitten de meest nuttige onderwerpen voor werk aan de top. Dus wordt je als kind op school en thuis vriendelijk weggestuurd van dingen die je leuk vind omdat je daar nooit een goede boterham mee kan verdienen. Ga maar geen muziek studeren, je wordt toch geen muzikant. Doe maar geen kunst, je wordt toch geen kunstenaar. Goedbedoeld advies, echter een grove vergissing. De hele wereld is verzwolgen in een revolutie.

En het tweede idee is die van de academische bekwaamheid, want die is onze visie op intelligentie volkomen gaan domineren omdat de universiteiten het systeem naar eigen beeld hebben gevormd. Als je er bij stilstaat merk je dat het hele wereldwijde systeem van publieke educatie een langdurig proces van toegang tot de universiteit is. Het gevolg is dat menige talentvolle, briljante en creatieve mensen denken dat ze dat niet zijn omdat de zaken waar ze goed in waren op school niet gewaardeerd werden, of gewoon worden gebrandmerkt als zodanig. Wij vinden dat dit niet langer zo door kan gaan.

Volgens Unesco slagen de komende dertig jaren wereldwijd meer mensen door educatie dan sinds het begin van de historie. Meer mensen. En het is de combinatie van alle zaken die we hebben behandeld—technologie en haar transformerende effect op het werk, demografie, en de enorme explosieve bevolkingsgroei.

Plotseling zijn diploma’s niets meer waard, nietwaar? Als je vroeger een diploma had, had je een baan. Als je geen baan had, was dat waarschijnlijk omdat je dat niet wilde.

Nu gaan kinderen met diploma’s vaak naar huis om een video game te spelen omdat je nu een Master Degree nodig hebt waar je vroeger een Bachelor Degree voor nodig had. En je hebt een PhD nodig voor de ander. Academische inflatie ten top. Het geeft aan dat de hele structuur van opleiding onder onze voeten aan het verschuiven is. Wij dienen onze blik op intelligentie—verstandelijk vermogen—radicaal te herzien.

Wij weten drie dingen over intelligentie: Eén: Het is divers. We denken over de wereld na op alle manieren zoals we die ervaren. We denken visueel. We denken in geluid. We denken kinesthetisch. We denken in abstracte termen. We denken in beweging.

Twee: Intelligentie is dynamisch. Als je de interacties in een menselijk brein onderzoekt blijkt intelligentie wonderbaarlijk interactief te zijn. Het brein is niet onderverdeeld in compartimenten.

Creativiteit, gedefinieerd als het proces van hebben van originele ideeën die waarde hebben, ontstaat vaker wel dan niet door de interactie van verschillende disciplinaire manieren om de zaak te bekijken. Het brein is intentioneel.

Het derde ding van intelligentie is dat het bijzonder is, onderscheidend. Een meisje van acht jaar was hopeloos op school. Altijd te laat met huiswerk, druk met van alles en nog wat. Kon haar handen niet stil houden. Nu noemen we dat ADHD. Dus mee naar de specialist, op onderzoek naar leerstoornissen. Bij de specialist zat ze twintig minuten op haar handen terwijl de dokter met haar moeder sprak over haar problemen op school. Aan het eind van het gesprek ging de dokter naast haar zitten en zei: “Gillian, ik heb naar al de dingen geluisterd die je moeder over je heeft verteld en ik moet even onder vier ogen met haar praten. Wacht hier maar even, we zijn zo terug.”

Voordat ze de kamer verlieten zette de dokter de radio aan die op zijn bureau stond. Buitengekomen zij hij tegen haar moeder “Blijf even rustig staan en bekijk haar.” En op het moment dat ze de kamer verlieten stond ze op haar voeten en bewoog ze op de muziek. Ze keken een paar minuten en toen zei de dokter, “Mevrouw Lynne, Gillian is niet ziek; ze is een danseres. Breng haar naar een dansschool.”

Zo gezegd, zo gedaan. Gillian voelde zich tussen al die geestverwanten direct thuis. Allemaal mensen die niet stil kunnen zitten. Die moeten bewegen om te denken. Ballet, tapdansen, jazz, moderne dans, alles. Doorgegroeid naar de Royal Ballet School, solist en een wondervolle carrière. Zette haar eigen bedrijf op, de Gillian Lynne Dance Company, en ontmoette Anrew Lloyd Weber.

Ze is choreograaf en iedereen kent haar werk zoals Cats en de Phantom of the Opera. Miljoenen mensen beleven veel plezier aan haar. Ondertussen is ze multimiljonaire.

Iemand anders had haar medicatie gegeven om rustig te worden.

Waar het op neer komt is dit: onze hoop voor de toekomst is de adoptie van een nieuwe conceptie van de menselijke ecologie. Een waarin we de conceptie van de rijkheid van menselijk vermogen in ere herstellen. Ons educatiesysteem heeft onze geest “uitgemijnd” op de manier waarop we onze aarde uitmijnen en ontdoen van haar grondstoffen. Dit helpt ons niet de toekomst het hoofd te bieden.

We dienen onze fundamentele principes waarop we onze kinderen (en onszelf) opleiden grondig te herzien. Er is een prachtig citaat van Jonas Salks die zei: “Als alle insecten van de aarde verdwijnen, is al het leven op aarde binnen 50 jaar geëindigd. Als alle mensen verdwijnen van de aarde, floreren alle levensvormen binnen 50 jaar als nooit tevoren.” En hij heeft gelijk.

Wij dienen onze gift van menselijke verbeelding te vieren. We dienen zorgvuldig om te gaan met deze gift en de eerder genoemde rampscenario’s te ontwijken en voorkomen. En de enige manier om dat te doen is door de creative capaciteiten te waarderen voor wat ze zijn, en onze kinderen te zien voor de hoop die ze zijn en kansen die ze bieden.

Het is onze taak om hun gehele zijn op te leiden, te educeren, zodat ze deze toekomst het hoofd kunnen bieden. Tussen haakjes, wij mogen die toekomst mogelijk niet zien, maar zij zullen dat wel. En het is onze taak ze daarbij te helpen.

Dank je voor je aandacht.